Een schreeuw uit de badkamer. "MAM! Ik ben ongesteld!". Ik grijns breed als ze naar buiten komt rennen, recht in mijn armen. Ik vang haar op en knuffel haar. "gefeliciteerd, ik had al zo'n vermoeden dat dat de reden was voor de buikpijn die je de afgelopen dagen alsmaar had. Weet je nog wat ik je verteld heb? Je hoeft je er niet druk om te maken, het hoort er allemaal bij. Je bent bezig een grote mevrouw te worden. Je buik is nu klaar om babies te krijgen." Ze kijkt me aan met een vies gezicht. "GATverdamme!" en we lachen allebei. Ik herinner me ons laatste gesprek over seks dat eindigde in "Mam.. ze gebruiken dat ding om mee te plassen. Dat wil ik dus ECHT niet binnen in me."
Twaalf jaar, en zojuist begonnen aan de volgende fase in haar ontwikkeling. Het brengt een heleboel herinneringen boven. Van de eerste keer dat ik zelf ongesteld werd (ik was bijna 17, en doodsbenauwd dat ik nooit een volwassen vrouw ging worden) maar ook.. de moeilijke omstandigheden rond haar geboorte. De spoedkeizersnee na slechts 30 weken zwangerschap waarmee ze ter wereld kwam. Zij en ik beiden vechtend voor ons leven maar we wonnen de strijd, tegen alle verwachtingen in. De chirurg, die me vlak voor de operatie vroeg of ik al een naam voor de baby had en ik, half buiten westen, ter plekke een naam verzinnend: "als ze het overleeft, dan is er maar één naam goed om uit te drukken wat ik voel.. haar naam zal Joy (vreugde) zijn". De dokters op de intensive care afdeling voor te vroeg geboren babies die zich ernstig zorgen maakten en ons vertelden dat ze geen idee hadden wat er van haar zou worden, maar dat dat kans dat ze zwaar gehandicapt zou zijn groot was. Haar biologische vader die op dat moment de optie om alle apparaten die haar in leven hielden uit te laten schakelen serieus overwoog. En ik, letterlijk tussen hem en mijn dochter in staand, de drie woorden sprekend die ik anders bijna nooit gebruik, alleen maar als ik bloedserieus ben en eis dat er naar me geluisterd wordt; "Het.. gebeurt.. niet". Direct gevolgd door een veel vriendelijker, maar net zo zeker: "Het komt best goed met haar."
En het is goed gekomen. Ja, ze heeft PDD-NOS, een relatief milde vorm van autisme. Ze is niet het gemiddelde kind en er zijn veel dingen die ze nooit zal kunnen zoals een "normaal" kind. Maar ze is een heel mooi, warm, ontzettend creatief meisje, dat de prachtigste kunstwerken maakt op haar computer, fantastisch kan zingen, en een blik op het leven heeft die ronduit fascinerend is. Ik zal de eerste zijn om toe te geven dat ze soms ook zwaar vermoeiend kan zijn. Veel aandacht nodig heeft en veel energie vraagt. Maar alhoewel ik soms doodmoe ben en niet weet waar ik nog de kracht vandaan moet halen om verder te gaan.. Ik zou haar voor niets ter wereld willen ruilen.
Ze is, en dat zal ze altijd zijn, mijn trots en Vreugde.
dinsdag 24 juli 2007
Abonneren op:
Reacties (Atom)
